13 augustus 2018

Quiche met gerookte vis

In deze heerlijke quiche zit een sterk smakende vis naar keuze. Ik heb gerookte haring gebruikt, maar het recept vroeg om gerookte kabeljauw of schelvis. Wat je kiest, bepaalt het vetgehalte van de quiche, maar troost je: vette vis is gezond.
De korst van deze quiche is geweldig, hij wordt heel stevig en knapperig.
Een kwart van het recept bevat genoeg energie voor een persoon (600 kcal) als je voor een vette vis kiest.

Helaas heb ik geen foto, maar stel je een goudgele quiche met een omelet-bovenkant voor, waar je kleine stukjes vis in kunt herkennen.

Het recept komt uit "Lekker hartig, recepten die je moet hebben", van Kitchen Classics, ISBN 9789054264453. Ik heb een paar wijzigingen doorgevoerd, die zal ik er tussen haakjes bij vermelden.

Ingrediënten
Deeg:
125 gram bloem (tarwebloem)
60 gram boter, in stukjes (roomboter)
1 ei, losgeroerd
1 eetlepel citroensap
1 of 2 eetlepels ijskoud water
(Ik raad een mespuntje zout aan)

Vulling:
300 gram gerookte kabeljauw of schelvis (ik heb 250 gram gerookte haringfilets gebruikt)
3 eieren, losgeroerd
125 ml slagroom
60 gram belegen kaas, geraspt
1 eetlepel dille, gehakt (of gedroogde dille)



Bereiding:
Verwarm de oven voor op 210°C. (Doe dit niet vroeger dan nodig is. Het deeg moet eerst gemaakt worden, 20 minuten koelen, en in de vorm worden gedaan.)

Vet een pastei- of quichevorm van ø22 cm met losse bodem licht in. (Neem de oppervlakte van de vorm serieus (380 cm²) maar de rest niet. Losse bodem hoeft niet, want de taart komt prima los. Quichevorm is mooi maar niet verplicht. Een rechthoekige vorm kan ook prima, zeker als je hem in blokjes wilt snijden voor een feestje.)

Zeef de bloem boven een grote kom (met eventueel een mespuntje zout). Wrijf met uw vingers de boter erdoor tot er fijne kruimels ontstaan. Maak een kuiltje in het midden en voeg het ei, citroensap en bijna al het ijswater toe. (Bij mij was een eetlepel ijswater al te veel.)
Maak snijbewegingen met een groot, glad mes tot er grove kruimels ontstaan. Voeg meer water toe als het deeg te droog is. (Ik moest meer bloem toevoegen om het deeg handelbaar te maken. Nederlandse bloem neemt minder vocht op. Kneed niet, dan wordt het deeg taai omdat de gluten ontwikkelen. Hou het koud.)
Vorm een afgeplatte (gladde) bal van het deeg. Wikkel het in plasticfolie en leg het 20 minuten in de koelkast.

Rol het deeg (na het koelen) uit tussen twee vellen bakpapier tot het groot genoeg is om er de bodem en de zijkanten van de bakvorm mee te bedekken. Haal het bovenste bakpapier eraf en druk het deeg in de vorm. (Ik heb het deeg gewoon gelijk in mijn vorm uitgedrukt, met de hand. Dat ging prima. Zorg wel dat het deeg zo koud mogelijk blijft. En maak een opstaand randje van zo'n 2 cm hoogte, dan past de vulling er mooi in.)
Leg er bakpapier en een steunvulling in en bak de deegbodem 10 minuten. Verwijder het papier en de steunvulling en bak de bodem in nog 5 minuten goudbruin. Laat hem iets afkoelen.

Verlaag de oventemperatuur naar 180°C.

Doe voor de vulling de vis in een koekenpan, schenk er water op en breng dit aan de kook. Laat het water 10-15 minuten zachtjes koken, tot de vis gemakkelijk uit elkaar valt als u er met een vork in prikt. Laat de vis uitlekken op een dikke laag keukenpapier. Laat de vis helemaal afkoelen.
(Doe dit terwijl het deeg koelt of bakt. Kook het vocht eventueel in op hoog vuur, zodat je de smaakstoffen van de vis terug kunt doen bij de vulling zonder die nat te maken.)

Trek de vis uit elkaar met twee vorken. (Bij de gerookte haring moet je eerst het zwarte vel verwijderen.) Klop de eieren los met de room, kaas en dille, voeg de vis toe, en roer goed. Schep het mengsel op de deegbodem en bak de quiche 40 minuten, tot de vulling stevig is. (Op 180° dus.) 

Serveer de quiche warm of koud met citroen- of limoenpartjes en een groene salade. (Want er zit geen groente in deze quiche.)

Eet smakelijk!

7 augustus 2018

Kroonbroodjes

Heerlijk zachte, zoete broodjes, met appelvulling. Zijn het niet net kroontjes? Dit recept heb ik gevonden bij Patesserie, en Tessa had het op haar beurt van Ellouisa Cooking. Ik heb een paar kleine veranderingen doorgevoerd.
Je kunt de broodjes natuurlijk vullen met wat je maar wilt, van zoet tot hartig.

Voor het deeg:
250 gr bloem
4 gr gedroogde gist
2 el suiker
Mespunt zout (niet te weinig)
40 ml zonnebloemolie
40 ml volle yoghurt
40 ml lauwwarme melk
1 eigeel
50 ml water
1 eigeel om te bestrijken
poedersuiker om te bestrooien

Voor de vulling 
1 flinke appel in kleine blokjes gesneden en een eetlepel suiker
  • Doe de bloem met de gist, suiker en zout in een kom en roer het even goed door elkaar.
  • Doe de olie, yoghurt, melk en het eigeel in een kommetje en mix dit even goed door
  • Voeg het olie-zuivel mengsel bij het bloemmengsel en meng dit. Voeg beetje bij beetje het water toe en kneed het tot een samenhangend deeg. Misschien heb je iets meer of iets minder water nodig, afhankelijk van de bloem die je gebruikt.
  • Kneed het deeg in ca 10 minuten met de hand (of in de machine) tot een mooi soepel deeg waar je een vliesje van kunt trekken.
  • Doe een klein beetje olie in een schone kom, bol het deeg op, draai het even door de olie en leg het dan met de naad naar beneden in de kom. Dek af en laat het in ca 1 uur rijzen totdat het verdubbeld is in volume.
  • maak ondertussen de vulling klaar door de appels in kleine blokjes te snijden en even zachtjes te bakken met de suiker in een koekenpan met antiaanbaklaag. Bak ze net zolang totdat ze wat zachter zijn maar nog wel wat bite hebben. Laat afkoelen.
  • Verwarm de oven voor op 220C
  • Zodra het deeg voor de zoete appelbroodjes verdubbeld is in volume haal je het uit de kom en verdeel je het in 12 gelijke bolletjes.
  • Rol elk bolletje uit tot een plakje deeg van ongeveer 10×15 cm en snij ze aan de onderkant in zodat je lange stroken krijgt (zie foto's)
  • Leg op de bovenkant 1/12 van de vulling en rol de plakjes deeg op tot een rolletje.
  • Maak van de rolletjes een rondje, knijp de zijkanten van het deeg goed samen en leg ze dan in de muffinvorm.
  • Bestrijk de bolletjes met wat losgeklopt eigeel
  • Bak de zoete appelbroodjes in ca 12 minuten gaar en goudbruin
  • Laat ze iets afkoelen in de vorm en haal ze er dan voorzichtig om ze op een rooster volledig af te laten koelen.
  • Bestrooi voor het serveren de zoete appelbroodjes met poedersuiker. 
 


21 oktober 2017

Hazelnootschuimtaart met mokkacreme

Drie lagen gebakken schuim met hazelnoten en een fluweelzachte mokkabotercrème. Een ultieme feesttaart!


Je hebt hiervoor een suikerthermometer nodig.
Een staande mixer is ook handig, maar niet noodzakelijk.
En voor de garnering een spuitzak met kleine kartelmondje.
Je maakt hem een dag van te voren, zodat hij een nacht kan intrekken.

Voor het schuim heb je nodig:
225 gram blanke hazelnoten
250 gram kristalsuiker
2 eetlepels patentbloem
1 eetlepel maizena
8 eieren (de eiwitten gaan in het schuim, de dooiers in de creme)

1. Zijn je hazelnoten geroosterd? Dan kun je door naar stap 2. Zo niet, dan ga je ze eerst roosteren. Verwarm de oven voor op 175 graden, zet de noten er een kwartier in, op een bakplaat. Laat ze afkoelen. (Rooster gelijk de twee handen vol hazelnoten mee die je gaat gebruiken voor het samenstellen.)
2. Zet de oven nu op 135 graden. Meng de noten (225 gram) met 100 gram suiker en de bloem en de maizena. Maal dit mengsel tot poeder in een keukenmachine.
3. Teken drie cirkels met een doorsnee van 22 à 24 cm op bakpapier. Knip ze ruim uit. Leg ze neer met de tekenlijnen naar beneden.
4. Splits de eieren in twee kommen. Zorg dat er geen vet of dooier bij de eiwitten komt. Zet de dooiers apart op kamertemperatuur. Klop de eiwitten tot ze bijna stijf zijn. Strooi de overige 150 gram suiker erbij, terwijl je blijft kloppen, en klop nu door tot ze helemaal stijf zijn.
5. Spatel het gemalen notenmengsel voorzichtig door de eiwitten.
6. Doe 1/3 van het hazelnootschuim in een spuitzak, en spuit 1 van de bakpapiercirkels spiraalsgewijs vol, van buiten naar binnen. Strijk glad. Doe hetzelfde met de rest van het schuim.
7. Bak de cirkels schuim anderhalf uur, tot ze knapperig zijn en lichtbruin. Het midden moet stevig aanvoelen. Als ze te bruin worden voor ze klaar zijn, draai de temperatuur dan naar 90 graden. Als het in je oven past, is het prima om ze tegelijk te bakken. Maar het kan zijn dat niet al je schijven dan even snel klaar zijn. Check ze goed na het bakken.
8. Laat de schijven afkoelen tot kamertemperatuur en verwijder dan gelijk het bakpapier. Berg ze luchtdicht op tot je ze verder verwerkt, want anders worden ze zacht en kun je ze niet goed meer verwerken.

Voor de botercreme heb je nodig:
400 gram suiker
150 gram water
8 eierdooiers
340 gram koude roomboter
4 theelepels oploskoffie (gebruik echte theelepelmaten van 5 ml)
40 gram heet water

9. Meng oploskoffie en heet water. Laat afkoelen.
10. Stap 10 en 11 worden tegelijk uitgevoerd. Breng suiker en water op matig vuur aan de kook. Kook door tot 116 graden.
11. Klop ondertussen de dooiers 8 minuten op hoge snelheid, tot het licht en verviervoudigd is. Als de suikersiroop te vroeg klaar is, voeg je een eetlepel water toe, en kook je verder.
12. Giet de hete siroop in een dun straaltje bij de geklopte dooiers, vlak bij de snel draaiende kloppers, maar niet erop.
13. Blijf op hoge snelheid kloppen tot het mengsel op kamertemperatuur is. Dat voel je aan de buitenkant van de kom.
14. Zet de mixer nu op halve snelheid en voeg blokje voor blokje de boter toe. Doe daar tien minuten over.
15. Klop de opgeloste koffie er in 1 minuut door.

Voor het samenstellen heb je nodig:
De schuimlagen
De botercreme
Twee handen vol geroosterde hazelnoten
Mokkaboontjes

16. Leg een schuimschijf op een plat bord. Smeer hem in met 1/5 van de creme.
Leg de volgende laag erop, smeer die ook in 1/5 van de creme,
en tenslotte de laatste, met 1/5 van de creme.
17. Smeer de zijkanten dicht met 1/5 van de creme.
Maak alles nu zo glad mogelijk.
18. Doe de laatste 1/5 van de creme in een spuitzak met een klein kartelmondje, en spuit rondom allemaal kleine toefjes.
19. Maak een cirkel van mokkaboontjes bovenop de taart, langs de rand.
20. Haak de hazelnoten grof en strooi die op de taart, binnen de cirkel van de mokkaboontjes.

En dan nu de moeilijkste stap. 
21. Zet de taart in de koelkast en blijf er zeker een nacht lang af. In die tijd worden de schuimlagen zachter, kleverig en een beetje taai. Heerlijk!
22. Haal de taart een half uurtje voor het gebruik uit de koelkast, en zet hem niet in de zon.

25 augustus 2017

Zoute chocoladepasta voor grote mensen

Het is tegenwoordig helemaal in om gek te zijn op Tony Chocolonely met karamel en zeezout. Mijn kinderen en ik vinden het ook geweldig. 

Nu maakte ik laatst chocoladesaus voor over een pindakaastaart, en in een opwelling heb ik de saus gezouten. Mooie combinatie met de pinda's, toch?

Toen de overgebleven saus in de koelkast had gestaan, was hij gestold tot een heerlijke, goed smeerbare pasta. De moeite waard om nog eens speciaal te maken als broodbeleg, zonder pindakaastaart. 

En wat hem nou voor grote mensen maakt? Het recept van de saus vroeg om cognac... Witte port werkte ook :-) En  niemand maakt zich druk als je 'm vervangt door vanille-extract, of water.

Voor een potje pasta:

150 ml slagroom
50 gram roomboter
50 gram (fijne) kristalsuiker
175 gram pure chocola
2 eetlepels cognac, of port, of vanille-extract, of water...
1/4 theelepel zout

Doe room, boter en suiker in een hittebestendige kom, en zet die boven een pan met water. Breng het water aan de kook terwijl je roert in de kom tot de boter is gesmolten en de suiker opgelost.
Laat weer afkoelen tot kamertemperatuur. 
Hak de chocola grof. 
Doe de chocola en het zout in de room, en verwarm weer boven de kom water. Roer regelmatig, tot de chocola volledig is gesmolten en het mengsel egaal is.
Roer er lepel voor lepel de cognac (of vervanger) door. 
Giet in een schoon potje en laat afkoelen. Zet in de koelkast.

Het recept voor de saus kwam uit "Chocola" van Christine McFadden en  Christine France.

27 december 2016

Oliebollen (Daring Kitchen december 2016)

Click here for this post in English.

In december 2016 had ik de eer om de allerlaatste challenge van de Daring Kitchen te presenteren. Mijn eerste challenge was gevulde speculaas (januari 2013), en de tweede Baumkuchen (januari 2014).


Deze maand heb ik de leden uitgenodigd om oliebollen met me te bakken. Omdat we Engels als voertaal hebben in de groep, heb ik ze ook "Dutch Donuts" genoemd.

De oorsprong van oliebollen moeten we zoeken bij de Bataven en de Friezen, rond het begin van de jaartelling. In die tijd waren ze niet rond, maar plat, en werden ze in weinig olie gebakken. Dat zijn oliekoeken. In de middeleeuwen kwam de traditie op om oliekoeken uit te delen aan de armen, als ze gelukkig nieuwjaar kwamen wensen. Pas in de rijke 17e eeuw begonnen mensen meer olie te gebruiken, en maakten ze deze ronde oliebollen.

Mijn persoonlijke recept bevat volkoren meel, appel, rozijnen, kaneel en bruin bier.

Dit heb je nodig:
* Een staande mixer met een platte haak en een grote kom (en anders: een gewone mixer met deeghaken en een grote kom
* Een frituur zonder mandje (en anders: een grote pan en een vloeistofthermometer)
* frituurschep (en anders: een schuimspaan)
* ijsschep met bewegende haak (en anders: twee eetlepels om deeg mee te scheppen)
* nieuwe plantaardige olie (zonnebloem of arachide), genoeg om je frituur tot de max te vullen, of om je pan met minstens 10 cm olie te vullen. Je kunt de olie hergebruiken, maar alleen in zoete recepten, zoals rozijnenbrood
* heel veel keukenrolpapier


Bereidingstijden
Deeg: 25 minuten
Rijzen: 60 minuten
Bakken: 30 minuten

Recept
Voor 25 oliebollen (6 cm doorsnee)


Ingrediënten
300 gram volkoren meel
200 gram patentbloem
10 gram instantgist (3 theelepels)
10 gram zout (1,5 theelepels)
25 gram witte of lichte basterdsuiker (2 eetlepels)
3 gram kaneel (0,5 theelepel)
150 ml bruin bier (half flesje), kamertemperatuur
175 ml water (kamertemperatuur)
175 ml melk (kamertemperatuur)
50 gram roomboter (gesmolten maar niet heet)
1 klein ei
200 gram rozijnen (niet aan elkaar geplakt)
1 kleine of een halve grote appel (een stevige appel, bijv. Jonagold)

Als je het volkorenmeel wilt vervangen door patentbloem, dus totaal 500 gram patentbloem, gebruik dan 75 ml minder vocht.

Aanwijzingen

1. Meng in een grote kom meel, bloem en gist met een garde.

2. Voeg zout, suiker en kaneel toe. Roer weer door.

3. Voeg bier, water en melk toe (denk aan de kamertemperatuur), en de gesmolten boter en het ei.

4. Mix de ingrediënten, liefst met de platte haak van een staande mixer. Een handmixer met kloppers kan dit niet aan. Meng in dat geval met een houten lepel met de hand. Ga door met mixen tot het deeg elastisch wordt, een paar minuten.

5. Laat het deeg 15 minuten met rust.



6. Snijd tijdens de wachttijd de appel in blokjes, zo groot als bruine bonen.

7.  Voeg appels en rozijnen bij het deeg en roer het goed door met een stevige houten lepel.


8. Leg een natte doek over de kom, en laat het deeg een uur rijzen op kamertemperatuur, tot het bijna is verdubbeld in volume.






9. Verhit ondertussen olie in je frituur tot 180°C. (Het is een goed idee om hem een keer te controleren: ik moet mijn frituur op 190 zetten om 180 te krijgen, en de temperatuur is erg belangrijk.)



10. Bereid je voor op het bakken: zet een bakplaat op het aanrecht en bedek hem met twee lagen keukenpapier. Leg ook iets klaar om je frituurschep en ijslepel op te leggen, zodat je aanrecht minder vies wordt. En leg een wekkertje klaar.

11. Als het deeg voldoende is gerezen en de olie heet is, doop je je ijslepel in de olie (tegen het plakken) en je vult hem met deeg, waarbij je hem afstrijkt aan de rand van de kom. Zorg dat je een goede hoeveelheid vulling meeschept. Schep niet voorzichtig van de rand, want daar is het deeg verder gerezen. Gewoon uit het midden scheppen.



12. Laat de deegbal voorzichtig los in de olie, door de ijslepel in de olie te steken en de haak te bewegen. Voeg op dit moment niet meer oliebollen toe. Start het wekkertje.



13. Houd de oliebol goed in de gaten. Hij zal rond gaan dobberen, en na enige tijd zal hij vanzelf omdraaien. Daardoor zal hij, in de ideale situatie, aan beide kanten bruin worden. Als de oliebol niet vanzelf draait, help hem dan halverwege de baktijd, met een vork.

14. Na vijf minuten bakken, haal je de oliebol met de frituurschep uit de olie en leg je hem op het bakpapier. Wacht een minuut, en snijd hem dan met een scherp mes doormidden. Kijk naar het midden. Zie je rauw deeg? Dan had hij langer gebakken moeten worden. Zie je een broodachtige structuur? Dan is hij gaar, en kun je zelfs een kortere baktijd proberen.




15. Ben je tevreden met de gaarheid? Begin dan een nieuwe baktijd, maar nu met een paar oliebollen tegelijk. Zo niet, probeer het dan nog een keer met één oliebol, met een langere of kortere baktijd.

16. Ga door met bakken tot het deeg op is. Zorg dat de oliebollen even groot worden, anders hebben ze verschillende baktijden nodig. Vergeet niet elke keer de wekker aan te zetten, en denk eraan dat de oliebol die er het eerst in gaat, er ook het eerst uit moet.

17. Oliebollen zijn het lekkerst als ze net gebakken zijn, want dan zijn ze nog knapperig. Bestrooi ze met poedersuiker en geniet! Op kamertemperatuur zijn ze ook nog lekker, maar de volgende dag zijn ze niet meer knapperig. Als je ze wilt opwarmen: verhit de oven tot 150 of 160 graden, en warm de oliebollen gedurende vijf minuten op.



Bewaren:
Eet oliebollen binnen een paar dagen op. Bewaar ze niet in de koelkast, daar worden ze droog van. Oliebollen laten zich goed invriezen: verpak ze luchtdicht, dan kun je ze maandenlang bewaren.

Oliebollen (Daring Kitchen December 2016)

Voor Nederlands, klik hier.
In December 2016 I had the honour to host the very last challenge of the Daring Kitchen. My first challenge was gevulde speculaas (January 2013), and the second Baumkuchen (January 2014).



This month  I challenged the members to bake oliebollen. They are commonly called Dutch Donuts.
I think it is safe to say that nearly every Dutch person eats oliebollen on New Year’s eve. In 2005 it was calculated that 82% of the Dutch people eat oliebollen, and 40% of them make the oliebollen at home (but mostly with ready-to-use mixes). But: during the rest of the year, it is considered strange to eat oliebollen (although I do sometimes, just because I can).

Everywhere in The Netherlands you will find mobile oliebollen bakeries during the winter months. An important newspaper yearly publishes the Big Oliebollen Test, creating an enormous sales boost for the winners, but criticizing the losers to pieces. 

The historical roots of oliebollen can be traced back to the Batavians and Frisians around the start of this era. At that time they were not round but flat, cooked in a small amount of oil. We call them oliekoeken. In the middle ages a tradition was born of giving the poor people oliekoeken when they came to wish you a happy new year. Only in the wealthy 17th century people started to use more oil, and make these round oliebollen.

About the words oliekoeken and oliebollen: olie (pronounced: ow-ly) means oil. Koeken (singular: koek, pronounced: cook, cooken) is something like big cookies. Oliekoeken might look like fried flatbreads. Bollen (singular: bol, pronounced: ball, ballen) means balls/spherical buns.

I will show you how to make delicious oliebollen from scratch. My personal recipe includes whole wheat flour, apple, raisins, cinnamon and brown beer. The cheapest oliebollen are just plain white without filling. And the worst are cooked in too cold or old oil, and are soggy. I suggest that you keep well away from them :-)

Recipe Source
Dutch tradition

Equipment required
* standing mixer with a paddle and a big bowl (otherwise: any mixer with paddle or dough hook and a big bowl)
*deep fryer without the basket (otherwise: large pan and thermometer) (a pan should be at least 5 inches high and wide enough to let a few oliebollen float around)
*fryer scoop (otherwise: skimmer)
*stainless steel ice cream scoop with lever to make dough balls (otherwise: two big metal tablespoons to scoop the dough)
*unused vegetable oil (sunflower or peanut), enough to fill your fryer to the max, or to have 4 inches of oil in your pan. I need three liters (¾ gallon) for my deep fryer. You can use the oil again, but only in sweet recipes, like bread with raisins.
*a lot of paper towels



Preparation time
Dough: 25 minutes
Rise: 60 minutes
Cooking: 30 minutes

Recipe
Servings:  25 oliebollen (each around 6cm / 2.5" in diameter)



Ingredients
300g / 2 1/2 cups whole wheat flour
200g / 1 1/2 cup plus 5 tsp all-purpose flour
10g / 3 tsp instant yeast
10g / 1 1/2 tsp salt
25g / 2 Tbsp caster sugar (white or light brown)
3g / 1/2 tsp cinnamon
150ml / 1/2 cup plus 2 Tbsp brown beer (room temperature)
175ml / 3/4 cup water (room temperature)
175ml / 3/4 cup milk (room temperature)
50g / 3 1/2 Tbsp unsalted butter (melted but not hot)
1 small egg
200g (7 oz, or 1 1/3 cups) raisins (without clumps)
1 small apple or half a big apple (a firm variety)

You can use all-purpose flour instead of whole wheat flour, but then you should use less liquid: 5 tablespoons less.

Directions

1. In a large mixing bowl mix flours and yeast with a whisk.

2. Add salt, sugar and cinnamon, and mix again.

3. Add beer, water and milk (mind the room temperature), the melted butter, and the egg.

4. Attach the paddle to your mixer (or the dough hook, if you don’t have one) and mix the ingredients thoroughly. Go on until the dough becomes elastic, a few minutes.

5. Let the dough rest for 15 minutes.

6. In the meantime cut the apple in small cubes, as big as peas or beans.

7. Add raisins and apple to the dough, and mix well with a spatula.

8. Put a wet towel over the bowl, and let the dough rise for an hour, until is has nearly doubled in size.








 9. In the meantime, put the oil in your deep fryer. Heat it to 180°C / 355°F.




10. Get ready for cooking: place a tray on the counter and cover it with two layers of paper towels. Have something ready to place your scoops on, to not cover your counter with grease. And have a timer handy, to track frying time.

11. Once the dough has doubled in size and the oil is hot, dip your ice scoop in the oil to avoid sticking, and fill it with dough, leveling it against the side of the bowl. Take care to include a reasonable amount of filling.




12. Release the doughball carefully into the oil, by sticking the scoop into the oil and pulling the lever. For now, don’t add more oliebollen. Start the timer.






13. Observe the behavior of the oliebol. It will start floating around, and after some time, it will turn over automatically. That way, in the ideal situation, it will brown on both sides. If the oliebol doesn’t turn over, help it when the frying time is halfway over, using a fork.

14. After five minutes of frying, take it out of the oil and put it on the tray with paper towel. Wait a minute, and then cut it through the middle with a sharp knife. Look at the center. Do you see raw dough? Then you should have cooked it longer. Do you see a bread-like texture? Then it is done, and you could even try to shorten the cooking time.






15. If you are satisfied with the texture? Then start again, but now with a few oliebollen at once. Are you not satisfied? Try again with a longer or shorter frying time.

16. Keep frying until there is no dough left, and make sure the oliebollen are all the same size, otherwise they will need different cooking times. Don’t forget to start the timer with each batch, and remember that the ones you put in first, should be taken out first.

17. Oliebollen are best when you eat them while they are still hot and crunchy. Sprinkle them with powdered sugar and enjoy! They are still great at room temperature, but next day you will miss the crunchiness. This is how to reheat them: preheat the oven to 150-160°C / 300-320°F / Gas Mark 3, and heat the oliebollen for 5 minutes.




Storage and Freezing Instructions / Tips
Eat your oliebollen within a few days. Don’t store them in the refrigerator.
Oliebollen freeze very well. Just put them in an airtight container and you can enjoy them for months.

18 december 2016

Snel rozijnenbrood met appel en kaneel

Als we een luie dag thuis hebben als gezin, en we weten niet wat we als lunch zullen eten, zeg ik wel eens: zal ik dan maar broodkoektaart maken? Iedereen weet wat dat betekent :-) En niemand zegt daar nee tegen. 



Even een poging om uit te leggen wat het is. Het is een voedzame, gezonde koek, met de structuur van quickbread (brood met bakpoeder) en de smaak van oliebollen, uit een taartvorm. Nou ja, ik doe het eigenlijk tegenwoordig in een pizzavorm, want anders is hij te snel op. En hij is zo gemaakt!

Dit heb je nodig:

Vaste ingredienten:
300 gram volkorenmeel
1 1/2 tl bakpoeder
4 of 5 eetlepels tarwekiemen (lekker en gezond, maar niet cruciaal)
120 gram rietsuiker
4 eetlepels kokos
1/2 tl kaneel
Vloeibare ingredienten:
125 ml melk
100 gram roomboter
3 eieren
En verder:
1 grote appel
300 gram rozijnen

Werkwijze:

Smelt de boter zonder hem heet te laten worden.
Verwarm de oven op 160°C.
Meng de vaste en de vloeibare ingredienten in twee aparte kommen.
Snijd de appel in kleine blokjes.
Meng appel en rozijnen door de vaste ingredienten. 
Prak en schep de vaste en de vloeibare ingredienten door elkaar.
Vet een grote vorm in, bijv. een pizzavorm. 
Doe het deeg erin en strijk het glad. 
Bak 30 minuten op 160°C.
Eet op als het nog warm is. 

Eet smakelijk!